close
  • maandag 19 november
Gezondheid en zorg

‘Een standaard borstkankerbehandeling bestaat niet’

‘Een standaard borstkankerbehandeling bestaat niet’

borstkanker logo

Verpleegkundig specialisten zijn dagelijks intensief betrokken bij de behandeling van borstkankerpatiënten. In gesprek met Hanna van der Pol en Kathinka van Vliet, beiden werkzaam in het Antoni van Leeuwenhoek in Amsterdam. “De prognose is in veel gevallen goed.”

Als borstkankerpatiënt ben je gebaat bij niet alleen de juiste medische zorg, maar ook een betrokken en deskundige begeleiding. Iemand die je als het ware bij de hand neemt door alle behandelingen heen. Die met je meedenkt en je bijstuurt als je even het spoor bijster bent. Want dat gebeurt. “Patiënten die bij ons komen, willen soms heel veel weten. Dat is niet verkeerd, maar soms moet je grenzen aangeven. Teveel informatie kan averechts werken. De informatie die we geven moet relevant en van toepassing zijn. Daar moet je een patiënt in beschermen.” Aan het woord is Hanna van der Pol (32), verpleegkundig specialist in het Antoni van Leeuwenhoek. 

AvL kan zich meten met expertise centra in de wereld

Het Antoni van Leeuwenhoek (AvL) is het ziekenhuis in Amsterdam waar naast de zorg aan mensen met kanker ook wetenschappelijk onderzoek plaats vindt. Daarin loopt het AvL veelal voorop en kan zich als enig Nederlands kankercentrum internationaal meten met expertise centra in de wereld op het gebied van kanker, en zeker borstkanker.

Evenals Hanna van der Pol is ook Kathinka van Vliet (40) als verpleegkundig specialist dagelijks in het AvL betrokken bij vrouwen met borstkanker. De manier waarop is bijzonder en intensief. Verpleegkundig specialisten zijn vanaf de eerste minuut het aanspreekpunt voor de patiënt die nog maar net weet dat ze patiënt is. Kathinka: “Vrouwen, en ook mannen, komen als eerste bij ons terecht als ze via de huisarts en/of een bevolkingsonderzoek te horen hebben gekregen dat ze die afwijking of knobbel in hun borst na moeten laten kijken. Als vervolgens blijkt dat er sprake is van borstkanker, gaan wij als verpleegkundig specialisten alles regelen voor verder onderzoek om de beste behandeling op maat te kunnen inzetten.”

‘Altijd is een behandeling afgestemd op het individu’

“We zorgen dat er röntgenfoto’s en biopten worden genomen bijvoorbeeld. Wij ondersteunen vervolgens de patiënten tijdens het gehele behandeltraject,” voegt Hanna toe. “ In de meeste gevallen kan een diagnose bij ons in een uur gesteld kan worden. Wie vandaag een bobbel in de borst ontdekt en naar ons verwezen wordt, kan morgen terecht en krijgt een uur later te horen of het borstkanker is of niet. Het behandelplan samenstellen neemt ongeveer anderhalve week tijd in beslag. De eigenschapen van de tumor moeten eerst goed in kaart worden gebracht. In een gezamenlijk overleg met onder andere artsen, chirurgen, radiotherapeuten, internisten, pathologen, plastisch chirurgen en verpleegkundigen bepalen we wat de beste behandeling voor deze patiënt is. Altijd is het een behandeling afgestemd op het individu.” 

Zo zorgvuldig mogelijk

Verpleegkundig specialisten zijn niet alleen bij het bepalen van het behandelplan betrokken, maar dus ook bij de follow-up. Kathinka: “We geven zo zorgvuldig mogelijk de informatie aan de patiënt die op hem of haar en de behandeling betrekking heeft. Daarnaast moeten we patiënten ook vaak geruststellen. Ze zijn soms heel onzeker. Dat is niet zo vreemd, want veel mensen hebben toch het idee dat hun lichaam ze in de steek heeft gelaten.” Hanna: “Dan is het aan ons om duidelijk te maken dat borstkankerbehandelingen tegenwoordig zo ontzettend goed zijn. Een behandeling blijft te allen tijde pittig, maar de prognose is in veel gevallen goed.”

‘We kijken met een objectieve blik naar het voorstel en beleid wat elders is gegeven’

De Verpleegkundig Specialisten zien zo’n twintig patiënten per dag voor controles en zo’n vijf à zes mensen die net een diagnose hebben gehad. Kathinka: “Wat ik vooral bijzonder vind, zijn de patiënten die voor een second opinion komen. We kijken met een objectieve blik naar het voorstel en beleid wat elders is gegeven. Na het multidisciplinaire overleg komen wij als AvL met ons advies, wat soms kan afwijken van het gegeven advies elders.” Hanna:.”Ons motto is: meer waar moet, minder waar kan. Oftewel; We kijken heel goed naar wat er moet, wat er kan en wat bij die specifieke patiënt het beste past,” vertelt Kathinka. Het komt wel eens voor dat een perifeer ziekenhuis een borstamputatie adviseert en wij zeggen dat dat niet nodig is. Hanna: “Mensen kunnen met borstkanker honderd jaar worden, maar ons gaat het er dan om hóe je honderd wordt. Wij hebben altijd aandacht voor de kwaliteit van leven van een patiënt.”

Kathinka doet dit werk inmiddels twaalf jaar en vond het werk als verpleegkundige op een afdeling een stuk zwaarder, dan wat ze nu doet. “Op de afdeling ben je acht uur per dag met een patiënt bezig. Die verzorg je. Dan krijg je een ander soort band met mensen. Nu gaat het vaak om kortstondige gesprekken, wel heel intensief, maar het raakt me minder diep. Het is wat minder persoonlijk dan werken op de verpleegafdeling.” Hanna voelt dat anders. “Ik vind het soms pittig. Na zes jaar raakt het me vooral als er jonge vrouwen op gesprek komen. Ik vind het niet erg te laten merken dat het wat met me doet. Dan praat ik er even later met collega’s over en kan ik weer door.” “Mij maakt het niet uit of iemand jong of oud is. Een vrouw van 86 kan mij net zo hard raken als een jonge zwangere vrouw die borstkanker blijkt te hebben. Het is voor mij vooral persoons gerelateerd,” voegt Kathinka toe. 

Mondige patiënten

“Ik heb bewust voor het AvL gekozen,” vertelt Hanna. “Ik raak hier enorm geïnspireerd als het gaat om de zorg voor kankerpatiënten en de ontwikkeling van de wetenschap hier omtrent. Het gaat nooit om een standaard behandeling.” Kathinka: “We lopen vaak voor op de richtlijnen, dat is enorm boeiend. Het houdt je ook scherp.” Hanna: “Onze doelgroep bestaat vaak uit mondige patiënten. Die vragen ook naar de actualiteit, hoe het zit met de vergoeding van de mammaprint bijvoorbeeld. Ook komen patiënten regelmatig bij ons die interesse hebben voor behandelingen in studieverband.

‘We zijn geen artsen, maar doen wel veel’

Gezien hun uitgebreide werkzaamheden; Zijn verpleegkundig specialisten niet bijna artsen? Beiden moeten lachen. Kathinka: “We zijn geen artsen, maar we doen wel veel inderdaad. Eigenlijk alles behalve opereren, zeggen wij wel eens gekscherend. We voeren bijvoorbeeld veel beleidsgesprekken, dat werd vroeger door artsen gedaan. We zijn er echt voor de patiënten van begin tot eind samen met het hele mammateam. Van lichamelijk onderzoek tot gesprekken. Doordat wij relatief meer tijd hebben dan artsen, kunnen we soms dieper op effecten van de behandelingen ingaan. Bijvoorbeeld de invloed van hormoontherapie op de relatie en de seksualiteit. Daar vragen we ook op door.” Hanna: “Wij als verpleegkundig specialisten werken nauw samen met het mammateam om de beste psychische, lichamelijke, medische en wetenschappelijke zorg aan de patiënt te bieden. En dit op een laagdrempelige en begrijpelijke manier! “. 

Foto: Arch – Eigen werk, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=16742825

Meld je aan voor onze nieuwsbrief

Volg ons via Facebook