close
  • zondag 22 september
Rouw en verlies

Uitvaartverzorger Berny Metselaar: ‘Zeventig procent van de mensen heeft niets geregeld’

Uitvaartverzorger Berny Metselaar: ‘Zeventig procent van de mensen heeft niets geregeld’

Door het overlijden van mijn schoonvader kwam ik voor het eerst in mijn leven van heel dichtbij in aanraking met een uitvaartverzorger. Zo’n man in een statig zwart pak die zich als een schim om je heen beweegt en alles heel efficiënt voor je regelt. Zoals het hoort en volgens het boekje: een rouwkaart met standaardtekst uit een map, een crematoriumzaal met koffie en cake en een zwarte rouwauto. Althans, dat was het beeld dat ik er van had.

Toen we Berny Metselaar (53) ontmoetten, had hij inderdaad een donker pak aan. Maar verder was zijn rol totaal anders dan ik me had voorgesteld. Hij was betrokken, wist ondanks het verdriet humor een passende plek te geven en begeleidde ons naar een heel persoonlijk afscheid. Het moest een afscheid worden dat paste bij hoe de overledene in het leven stond. Hij regelde alles tot in de puntjes en voegde zich op een natuurlijke manier naar onze sfeer en wensen. Niet als een schim, maar gewoon als Berny. Na die eerste keer in pak kwam hij op ons verzoek in vrijetijdskleding.

Toen de uitvaart achter de rug was realiseerde ik me hoe belangrijk zijn rol was geweest. Ik vroeg me af hoe het is om in je werk altijd met verdrietige en rouwende mensen te maken te hebben. Hoe ga je daarmee om? Neem je dat mee naar huis? Wat maakt dat je zo’n beroep kiest? Berny was bereid me een inkijkje te geven in zijn werk en persoonlijke leven.

Nogal warrig cv

Zijn vader was koster in een Drents dorp en werd op latere leeftijd nog uitvaartverzorger. Hij stond altijd klaar voor anderen en hielp bij een begrafenis wel eens mee om de kist te dragen. Uiteindelijk werd hem gevraagd of hij niet uitvaartbegeleider wilde worden. “Want ie bint wel lekker rustig”. Zijn moeder werkte ook in die branche en deed onder andere de laatste verzorging van overledenen. Zelf heeft hij, zoals hij het noemt, ‘een nogal warrig cv’, maar uiteindelijk belandde ook Berny een jaar geleden in de uitvaartbranche.

Dat warrige curriculum bestaat wel uit allemaal dienstverlenende werkervaringen. Zo had Berny een eigen restaurant, werkte hij bij een cateringbedrijf en stond hij voor de klas om aan jonge mensen het horecavak te leren. Dat vond hij geweldig en als het aan hem had gelegen was hij daar nog een tijdje mee door gegaan. Maar door omstandigheden liep het anders en toen hij een vacature voor franchisenemers bij Monuta zag, greep hij die kans. Het uitvaartvak had in al die jaren regelmatig door zijn hoofd gespeeld.

Sociaal bewogen zijn

“Toen ik dertig jaar was heb ik ook al eens gesolliciteerd als uitvaartverzorger. Maar ik heb uiteindelijk besloten dat ik mezelf nog te jong vond. Je moet voor dit vak de nodige levenservaring hebben en ik was nog teveel een flierefluiter. Nu past het helemaal, ook omdat ik het kan combineren met het ondernemerschap. Als franchiser heb je je eigen bedrijf en de vrijheid die dat geeft vind ik prettig.” Berny hecht niet zo aan vastigheid. Hij is sociaal bewogen en vindt de omgang met mensen en voor hen iets kunnen betekenen veel belangrijker dan veel geld of zekerheid.

Natuurlijk heeft het nadelen dat hij ondernemer is in een branche waar het hollen of stilstaan is en je altijd beschikbaar moet zijn. “Je weet nooit wanneer je gebeld wordt dat er iemand is overleden. In het begin stelde ik klussen in huis om die reden uit, zoals het betegelen van het toilet. Want ja, wie weet word je weggeroepen terwijl je midden in zo’n project zit. Nu ben ik daar wat relaxter in. Al denk ik heus nog wel eens ‘potverdikkie’ als op zaterdagavond tijdens een gezellig etentje de telefoon gaat. Maar het hoort erbij.”

Gespannen op de dag van de begrafenis

RouwstoetZijn gezin is er aan gewend en heeft er geen problemen mee. Sterker nog, middelste zoon Gijsbert en vrouw Marianne helpen regelmatig bij een grote uitvaart. “Er moet in een heel korte tijd enorm veel geregeld worden en op de dag zelf wil je natuurlijk dat alles zo goed mogelijk verloopt.” Hij is dan ook behoorlijk gespannen op de dag van crematie of begrafenis. Zelf noemt hij die spanning ‘niet meer helemaal gezond’. Maar je kunt een afscheid maar één keer doen en dus moet alles kloppen. “Ik dubbel check alles en elimineer wat fout kan gaan. De hulp van Gijsbert of Marianne is voor mij erg prettig. Zij kunnen dan regeltaken op zich nemen, zodat ik me volledig kan concentreren op de familie.”

Uit eigen ervaring weet ik dat zoon Gijsbert op een hele prettige manier zijn bijdrage levert. Bij het afscheid van mijn schoonvader zorgde hij onder andere dat de muziek op het goede moment gestart werd. Elk nummer op een ander USB-stickje en op de eigen muziekinstallatie. Sinds die keer dat de stereo ter plaatse het liet afweten tijdens een uitvaart, heeft Berny altijd zijn eigen draagbare audioset achterin de auto liggen. Die test hij van tevoren meerdere keren, zodat hij zeker weet dat er niks mis kan gaan. “De keer dat het met de muziek fout liep, ja daar slaap je dus een nacht niet van. Hoewel ik er niets aan kon doen, ben ik wel verantwoordelijk. Ik heb de dienst toen met krakende, niet verstaanbare muziek door laten gaan. Nu zou ik de dienst even stilleggen en zorgen dat het eerst opgelost wordt. Je leert er ook weer van”.

Omdat de uitvaartwereld klein is, komt Berny regelmatig iemand tegen die zijn vader nog gekend heeft en iedereen is erg positief over de manier waarop de oude Metselaar zijn werk deed: betrokken en rustig. Op mijn vraag hoe hij het vindt dat hij in zijn vaders voetsporen is getreden zegt hij: “Dat vind ik eigenlijk wel heel leuk. Mijn moeder leeft nog en die zegt wel eens ‘Als oen va dit nog had ‘ezien.’ Zij vindt het hartstikke mooi.” Hij spreekt die laatste woorden met een glimlach en Drentse tongval uit, die helaas niet tot zijn recht komt op papier, maar waaruit duidelijk blijkt dat de trots van zijn moeder hem goed doet.

Aantal uitvaarten door elkaar

De manier van werken van zijn vader is ook op Berny zelf van toepassing. Hij straalt rust uit, heeft veel humor, is dienstverlenend en heeft alles organisatorisch goed voor elkaar. “Waar ik thuis koning chaoot ben, kan ik in mijn werk heel snel schakelen. Meestal loopt er een aantal uitvaarten door elkaar. Dan moet je wel een systeem hebben waarin je alles bijhoudt en afvinkt.”

Ook zijn mensenkennis en tact kan hij goed gebruiken. Hij komt dagelijks in aanraking met onmin binnen families en ook samengestelde gezinnen vragen de nodige diplomatie. “Ruzie onder de nabestaanden komt veel voor, ik denk wel bij één op de drie uitvaarten. Wie moet er op de kaart, wie mogen wel en niet op het afscheid komen. Soms gaat het nog veel verder dan dat en dan is het niet altijd makkelijk. Mijn rol is neutraal en de instructies van mijn opdrachtgever zijn leidend.  Als het echt spaak dreigt te lopen, ga ik wel eens een poosje weg en geef aan dat ik hoop dat ze eruit zijn als ik terug ben. Meestal is dat wel voldoende om de situatie uit de impasse te halen.”

‘De knop moet snel om, anders kun je dit werk niet doen’

Zijn betrokkenheid is duidelijk te zien en het verdriet dat hij ziet raakt hem, maar hij laat het niet echt binnenkomen. Volschieten tijdens een toespraak overkomt hem regelmatig en daar is niks mis mee. Het is tenslotte een intensieve en emotionele weg die je met elkaar bewandelt. Maar de knop moet ook snel weer om, anders kun je dit werk niet doen. Berny heeft een collega waar hij iedere dag, soms meerdere keren, mee belt. “Wij zijn elkaars uitlaadklep. Ik bel hem vaker dan mijn vrouw,” zegt hij met een grijns. “Het is fijn om inhoudelijk met iemand te sparren, maar we delen vooral ook de positieve dingen. Dat is belangrijk en levert een stukje ontspanning op.” Die ontspanning vindt hij verder in klussen en het bouwen van insectenhotels.

De dood is geen vreemde voor Berny, hij groeide er min of meer mee op. Hij is er dan ook niet bang voor, maar hoopt voor zichzelf vooral dat het snel gaat. “In mijn werk heb ik veel mensen gezien die zijn overleden na een lang ziekbed. Zo’n ziekte heeft iemand vaak volledig uitgemergeld en er is dan nog slechts een schaduw over. Die ervaring heeft ervoor gezorgd dat ik bij ziekte waarschijnlijk niet zal kiezen voor allerlei levensverlengende trajecten. Dat is het me, zoals ik er nu over denk, niet waard.”

Uitvaarten zijn persoonlijker geworden

Het vak van uitvaartverzorger is de laatste decennia enorm veranderd. Vroeger kwam de uitvaartverzorger en zei bij wijze van spreken ‘zo gaan we het doen’. Nu is iedereen mondiger en zijn de uitvaarten persoonlijker. Bijna alles wat je zou willen, mag. Of het ook kan hangt natuurlijk van het prijskaartje af. Met een kapitaalverzekering is er vaak meer mogelijk dan met een naturaverzekering. Al kun je je pakket altijd uitbreiden, maar dan zul je moeten bijbetalen. Wat veel mensen niet weten, is dat je te allen tijde vrij bent om zelf je uitvaartverzorger te kiezen, ook als diegene niet werkt voor de verzekeringsmaatschappij waar je bij aangesloten bent. Dat kost waarschijnlijk wel wat meer, maar het is zeker iets om eens over na te denken.

Zelf heeft Berny geen uitvaartverzekering. Als je voldoende geld apart hebt gezet is een verzekering ook niet per se nodig. Maar hij heeft er natuurlijk wel over nagedacht en er met zijn partner over gesproken. “Ik adviseer iedereen ook echt om zich van tevoren in grote lijnen te oriënteren. Het is best raar eigenlijk: je weet dat de dood onvermijdelijk is, maar zeventig procent van de mensen heeft niets geregeld. Dan leg je de verantwoordelijkheid neer bij de nabestaanden, terwijl die soms totaal overvallen worden door een overlijden. Mijn vader overleed ook volkomen onverwacht en we hadden geen idee wat hij had gewild. Dan moet je vanuit blinde paniek iets regelen, terwijl het laatste afscheid zo ontzettend belangrijk is. Dus praat er met elkaar over en zet wat zaken op papier.”

Geschreven door: Boukje Wiersma

Meld je aan voor onze nieuwsbrief

Volg ons via Facebook